Here we are again the end of a new year, a special year. Going to the cinema was never easy and not all our contributours were able to see all the movies they wanted, so the list will be less important then the last years. But that doesn’t mean we didn’t see movies and this year was also a wonderfull year for the film lovers, so without further do please find the lists of our contributors.
The different lists:
Myriam Gooris:
- Drunk
- West side story
- 3 piani
- Sweet thing
- The Fench dispatch
6-10 ex-aequo :
Power of the dog
Promising young woman
The mission
Stanley Berenboom
- Promising young woman
- The Father
- Drunk
- Minari
- The Last Duel
- One Night in Miami
- My Salinger Year
- Malcom&Marie
- The Mauritanian
- Dune
Loic Charlier:
Vier tegenvallers
New Mutants (2020): Deze film leek gedoemd om te falen lang voor het in de zalen verscheen. Het project kwam aanvankelijk al ter sprake wegens productieperikelen en is ook waarschijnlijk een recordhouder wat betreft uitstel van release-datum. Dat zijn nooit goede tekens, natuurlijk. Het resultaat is dan ook niet bepaald coherent te noemen. Toegegeven, het is … anders dan de doorsnee X-men films en verdient zeker een pluimpje omdat ze hier ietwat afwijken van de geijkte paden in deze franchise, maar het is allemaal bedroevend slordig en onwaarschijnlijk saai. Het script voelt aan als een first draft en had zeker wat meer aandacht verdiend. De personages zijn wandelende clichés en op enkele na stuk voor stuk ontzettend irritant. De setting is lui en het verhaal is flauw. Ja. Sorry. Eigenaardig hoe het soms zo verkeerd kan lopen.
Old: Zoals wel vaker het geval bij films van regisseur Shayamalan spreekt het basisconcept in deze prent tot de verbeelding en zijn er ook zeker bepaalde aspecten die goed werken, maar het geheel komt stroef over en de film bevat te veel storende elementen om door de vingers te kunnen zien. Ik zie Rufus Sewell, Alex Wolff en Thomasin McKenzie graag aan het werk en was ook erg onder de indruk van Nikki Amuka-Bird, maar de rest van de cast vond ik wisselvallig. De script geeft bij momenten wel gedaante aan scenes die oprecht overkomen, maar vaker vond ik de dialogen onnatuurlijk tot het irritante af, vooral wanneer personages ongevraagd plots verwoorden wat ze net hebben meegemaakt en haast uitleggen aan de kijker hoe dat past binnen het verloop van de film. Vaak gelden de principes Less is more en Show them, don’t tell, maar voor deze film vonden ze dat klaarblijkelijk niet de gepaste aanpak. Erg vreemd. Het verhaal stelt ook bepaalde regels op, maar maakt het zichzelf daardoor moeilijk omdat die enkel meer vragen oproepen waar geen bevredigend antwoord op is komt of omdat die regels zelf niet volledig doorgetrokken worden. Frustrerend. Verder vond ik de editing ook bijzonder afleidend doordat het meermaals het tempo lamlegde. Lange takes waarbij de camera tergend traag heen en terug sleept of statisch het circeltje rondgaat, maar waarbij je voor een groot deel de spreker helemaal niet in beeld krijgt. Het zal ongetwijfeld een kunstzinnige of symbolische toevoeging zijn waarvoor ik een zeker inzicht ontbreek… Kijk. M. Night doet zijn goesting en dat siert hem ergens wel. Alleen heeft dat het voorbije decenium naar mijn menig bitter weinig goeie films opgebracht.
The Suicide Squad: James Gunn aan het roer en een R-rating voor goor geweld, grof taalgebruik en dies meer. Dat klonk niet mis. Jammer genoeg kan ik niet zegen dat ik veel plezier heb gehad aan deze film. Je wordt meteen in de actie gesmeten en krijgt zo goed als geen tijd om enigszins kennis te maken met de wereld of de personages om wie we uiteindelijk toch iets horen te geven. Ja, er was een flinke portie bloederig spektakel en ja er werd ook aardig wat gevloekt, but mere swearing and cussing does not a good movie make. De toon gaat alle kanten uit, met momenten die duidelijk erg dramatisch horen te zijn of net waanzinnig grappig. Alleen voelden zowel de pathos als de humor vaak erg geforceerd en hol aan waardoor ik meer dan wat anders veelal onverschillig voor me uit bleef staren.
Last Night in Soho: Regisseur Edgar Wright waagt zich aan een mystery-thriller in een flashy retrosetting. Op papier iets om in de gaten te houden, zeker met Anya Taylor Joy en Thomasin McKenzie in de hoofdrollen. Het resultaat kon me echter niet echt boeien. De mechanismen die het geheel doen draaien zijn nogal vaag. De intrige verliest snel z’n draagkracht en de genrewissels zijn wat klungelig – vooral de horrorelementen zijn flauwtjes en voelen alsof ze niet thuishoren in het geheel.
Elf meevallers
Togo (2019): In dit rechtlijnig historische avonturenfilm moet de immer fantastische Willem Dafoe en zijn roedel sleehonden een helse storm doorkruisen om een serum te halen en die op tijd terug te brengen om een epidemische uitbraak een halt toe te roepen. De ontwikkeling van de band tussen de hoofdpersonages (mens en hond) is hartverwarmend en de film is knap gemaakt. Ze scoren ook bonuspunten omdat ze met echte honden hebben gewerkt. CG-honden vallen zo door de mand en halen me volledig uit de ervaring. Moet ik niks van weten.
Mortal Kombat: Verrassend degelijke adaptatie van het gelijknamige videospel. Een eerdere poging (Mortal Kombat uit 1995) was onnozel en cheezy, maar ik blijf er wel graag naar kijken en de film heeft met de jaren haast een cultstatus bereikt. Er is ook een vervolg op gekomen, maar daar spreken we niet over… Deze recentste productie doet het op veel vlakken aanzienlijk beter dan zijn voorgangers. De gevechtchoreografiën zijn knap geregisseerd, het script bevat hier en daar een geslaagde gag (dank aan acteur Josh lawson voor zijn amusante vertolking) en de special effects zijn in sommige sequenties wel heel erg koel (moehaha). Spijtig dat de meeste personages (waaronder de protagonist nota bene) behoorlijk unidimensioneel zijn en dat het verhaal ook niet echt van de grond geraakt.
A Simple Favor (2018): Genietbare intrige en zeer knap acteerwerk van zowel Anna Kendrick als Blake Lively. Jammer dat het laatste act ineenstort door een overvloed aan goedkope plotwendingen en andere naratieve elementen die het geheel wat onhandig aan elkaar moeten hechten.
The Incredibles 2 (2018): Fraai vervolg op een van de meest geliefde Pixarfilms. Zeer fijn hoe ze verderbouwen op de bestaande personages en hierbij nieuwe dynamiek weten te creeëren zonder uit het oog te verliezen wat hen aanvankelijk zo sterk maakte.
The Hard Way (1991): Een van die films die ik als kind tientallen keren op VHS heb bekeken. Pretentieloze actie met een flinke dosis humor. Het onwaarschijnlijk paar – een bikkelharde cynische flik gespeeld door James Woods en een acteur gespeeld door Michael J. Fox die een tijdje zijn partner wordt om het echte werk van dichtbij mee te maken en zo wat meer authenticiteit te kunnen injecteren in zijn spel – straalt zoveel energie uit dat je onmogelijk niet meegesleept wordt in hun taferelen. De film vertoont logischerwijs wat ouderdomskwaaltjes, maar die zijn grotendeels verwaarloosbaar.
Geostorm (2017): Oerdom en briliant tegelijkertijd. Ik had niet gedacht dat ik zo hard zou amuseren met deze rampenfilm. Begrijp me niet verkeerd. De prent houdt geen steek, zit boordenvol clichés, is ontzettend ridicuul, oppervlakkig en voorspelbaar en er bestaan heel wat erg gelijkaardige producties die stuk voor stuk veel beter zijn. Doch, om de een of andere reden kon ik de glimlach niet van mijn gezicht halen. Misschien lag dat aan de specifieke geestestoestand van de avond.
The Mitchells vs the Machines: The Mitchells zijn een behoorlijk dysfunctioneel gezinnetje en dus ook niet bepaald de bende op wie je graag rekent als laatste hoop wanneer een op hol geslagen stukje technologie de mensheid tracht uit te roeien. Een aantal goeie gags en ontroerende scènes zorgen er uiteraard voor dat je wel snel aan hen gehecht geraakt. Leuke familiefilm al blijft het allemaal iets te braafjes om echt uit te blinken.
Don’t Breathe II: Fijn dat ze een volledig opzichzelfstaand verhaal weten te brengen en knap hoe er weer wordt gespeeld met het empatisch vermogen van de kijker en de grijze zones van onze morele waarden. Doorheen de film blijf je twijfelen voor welke kamp je uiteindelijk wil of hoort te juichen. Jammer genoeg is het een pak minder spannend dan de vorige film en dat was toch wel de grootste troef van die prent. In de finale dreigt het verhaal een beetje te ontsporen, maar de character development van de relevante personages wordt op z’n minst uiteindelijk wel proper en bevredigend afgerond.
No Time to Die: Ik zou mezelf niet meteen een grote Bondfan noemen, maar kon voor het merendeel toch zeker genieten van wat de franchise tijdens het Daniel Craig-tijdperk heeft voortgebracht. Al is het maar voor de uitbundige stunts en actiesequenties die doorgaans en ook deze keer weer zeer bekwaam zijn geregisseerd. De film is wel wat aan de lange kant en de dreiging (een zoveelste uit-nanobots-bestaande biologisch wapen) bood voornamelijk een middel om het plot wat verder te helpen. Ik vond het – ondanks de hoge inzet en potentieel wereldwijde gevolgen – nogal banaal en goedkoop, maar goed. Daar volgt de film mogelijk gewoon het bronmateriaal (ik moet bekennen niet bekend te zijn met het oeuvre van Ian Fleming). Ook de antagonist kwam – los van de bijzonder brutale en beangstigende scène waarin we kennis maken met het personage – redelijk onderontwikkeld over. De verrukkelijke Ana De Armas krijgt dan weer een kort doch heerlijk rolletje toegediend waar ze het absolute maximum uit haalt en zelfs heel even de show volledig mee steelt. No Time To Die is niet de beste uit de serie, maar ook zeker niet de slechtste en wat mij betreft is het zeker een memorabele en bevredigende afsluiter voor het Craig-hoofdstuk.
Cruella: Ik kan weinig enthousiasme opbrengen voor de life action-adaptaties die Disney de voorbije jaren heeft voorgeschoteld. Het lijken mij duidelijke cash grabs waarbij de garantie op een geslaagde box office moet primeren en er dus weinig ruimte is om een gokje te wagen en iets nieuws te brengen. Toegegeven, ik heb er nog maar weinig gezien, maar dat is toch de indruk die ik krijg. Cruella valt wat dat betreft alvast niet in het rijtje. Ja. Ze berusten veilig op bestaande IP, maar de film stelt een origineel – zij het ietwat wankel – verhaal voor en heeft ontegensprekelijk een eigen identiteit en heel andere toon dan wat men zou verwachten. Daarom vind ik het eigenlijk jammer dat ze het überhaupt met de wereld van de 101 Dalmatiërs verbinden, want mits het wegschrappen van een aantal irrelevante elementen had het gerust op eigen benen kunnen staan. Emma Thompson en Emma Stone zijn beiden in topvorm.
Ghostbusters: Afterlife: Deze film is geregisseerd door Jason Reitman, zoon van Ivan Reitman regisseur van de originele Ghostbusters (1984) en het is een erg mooie hommage geworden aan het werk van zijn vader. Afterlife steekt boordenvol knipoogjes naar de het origineel, maar op een openlijke en pretentieloze manier – er is voor de film begint zelfs een korte introductie door Reitman zelf die dit benadrukt. Dat voelt comfortabel aan geldt voor velen ook als een van de voornaamste punten van kritiek, maar het werkt ontzettend goed en stoorde mij geenszins. De kracht van de film is dat er onder de oppervlakte een groot hart klopt en dat merk je van begin tot einde. De toon van de film is snel vastgelegd bereikt en wordt netjes aangehouden met een hoofdperonage waar je vrijwel meteen om geeft (actrice Mckenna Grace is een revelatie) en een verhaal dat misschien herkenbaar en veilig klinkt, maar wel vakkundig en trefzeker is neergepend. En als dat je niet overtuigt, Paul Rudd speelt ook mee. Meer dan reden genoeg om te kijken dus ^^p
Twee topfilms:
Dune: Stellen dat meesterregisseur Denis Villeneuve zijn adaptatie van Frank Herbert’s cultromans met enorme eerbied en passie heeft benaderd, zou een understatement van jewelste zijn. Het is overduidelijk dat de Canadees niks aan het lot heeft overgelaten en elk aspect van zijn versie tot in de kleinste details heeft gecureerd. Hij neemt zijn tijd om de wereld te scheppen met een onvoorstelbaar knappe set design (de stijl en uitstraling van de voertuigen, de kostuums), een oogstrelende cinematografie (de majestueuze landschappen en imposante structuren) en de adembenemende actiesequenties met immens doeltreffende en perfect gedoseerde mix van praktische effecten en fotorealistische CG-elementen. Het is allemaal minutieus uitgevoerd. Ook het voorstellen en uitbouwen van de personages gebeurt naadloos zonder de kijker te belasten met tonnen droge informatie (gezien het bronmateriaal zo rijk is aan details is dat op zich al bewonderenswaardig), maar net door ons op een heel organische manier dingen te laten afleiden uit de context. Hij fileert met de chirurgische precisie en dient net datgene op wat je nodig hebt om meegesleept te worden – zelf al heb je de boeken niet gelezen. En als dat niet voldoende is, krijg je sowieso in 4 op de 5 shots een topacteur te zien. Ik begin er niet eens aan om op te lijsten wij hij voor de camera heeft weten te verzamelen. Zeer indrukwekkend. OK. Het klopt wel dat dit eerste deel meer een veredelde inleiding is dan een volwaardige film en alles is nogal traag en cerebraal wat zich in de cinemawereld meestal vertaald in tegenvallende kijkcijfers. Bovendien eindigt de film ook vrij abrupt (al zijn we op dat moment wel al ruim 2,5u aan het kijken) waardoor je ietwat op je honger blijft zitten. Die keuze moet Villeneuve ongetwijfeld slapeloze nachten hebben bezorgd omdat hij mogelijk het risico liep om te floppen waardoor het heel onwaaschijnlijk zou zijn dat deel 2 ooit het daglicht zou zien, maar hij wou en zou het vermoedelijk nooit op een andere manier gedaan kunnen hebben. Hoedje af, Denis. Ondertussen is reeds geweten dat het budget ruim is teruggemaakt en dat er dus groen licht is voor het vervolg. Dat belooft een epische conclusie te worden en ik sta alvast te popelen.
The French Dispatch: Dit is Wes Anderson pur et dur. Als vorige films van deze vreemde vogel u niet konden bekoren, is de kans klein dat u deze keer wel aan boord geraakt. Het is misschien nog meer dan ooit tevoren volgestouwd met topacteurs allereerst, maar ook met hilarische achtergronddetails (zowel visueel als auditief) waardoor zelfs de meest aandachtige kijker onmogelijke alle pret zal kunnen beleven in een eerste zitting. Ik vond de densiteit haast uitputtend, maar The French Dispatch is zodanig genietbaar dat ik oprecht niet kan wachten om hem opnieuw te bekijken (en opnieuw en opnieuw) en ik vermoed dat ik na de tiende keer nog altijd nieuwe dingen zal ontdekken.
Alain Berenboom:
1. 3 piani (N. Moretti)
En-aequo avec Promising young woman
3. Sweet thing
4-5. ex-aequo: Power of the dog
The mission