Is het een remake, een reboot of een meta-sequel? Moeilijk te zeggen, maar dat maakt deze nieuwe Anaconda juist zo leuk. De originele film uit 1997 heeft nooit echt de status van klassieker gekregen, maar wel een trouwe cultaanhang — en deze nieuwe versie speelt daar slim mee door zichzelf niet al te serieus te nemen.
In deze versie spelen Paul Rudd en Jack Black twee jeugdvrienden die in een midlifecrisis besluiten een low-budget remake van Anaconda te maken. Wat begint als een nostalgisch project loopt volledig uit de hand wanneer ze in de jungle plots met een echte reuzenslang worden geconfronteerd. Het is een absurd uitgangspunt, maar precies dat maakt de film zo speels en vermakelijk.
Voor een komedie die makkelijk hersenloos had kunnen zijn, werkt Anaconda verrassend goed. Dat komt vooral door de chemie tussen Rudd en Black: twee van de meest sympathieke komieken in Hollywood die samen een heerlijk duo vormen. Thandiwe Newton, vooral bekend om haar sterke dramatische rollen, laat hier opnieuw zien dat ze ook perfect uit de voeten kan met humor en genre-werk.
Het is bovendien verfrissend om weer eens zo’n publieksvriendelijke komedie in de bioscoop te zien, in een tijd waarin dit soort films steeds vaker rechtstreeks op streaming belandt. Samen lachen in een volle zaal maakt de grappen simpelweg leuker en de chaos aanstekelijker.
Uiteindelijk is Anaconda precies wat het belooft: een luchtige ontsnapping, gemaakt om even alles te vergeten. En er is één volstrekt bizarre, onvergetelijke scène met meerdere dieren die je niet snel zult vergeten — meer zeg ik niet, die ontdek je beter zelf op het grote scherm